Zijn ziel en zaligheid stopt Hans Otten in het houten decor van het openluchtspel van Loil. ,,Als je met een zak geld alles meteen kunt kopen, is de lol eraf.”
door Carine ten Cate
Puzzelen en prakkiseren. De meeste mensen zouden er als een berg tegenop zien, maar voor Hans Otten uit Nieuw-Dijk is het bouwen van het immense decor in een V-vorm juist een uitdaging. ,,Aan de hand van schetsen van ontwerper Edwin van Onna moet ik een podium bouwen, dat overloopt in een decor”, zegt hij. ,,Een multifunctionele achterwand voor scènes in een kerk, kroeg en woonkamer. Het decor moet veilig, stabiel en demontabel zijn. Speelvriendelijk voor zeventig mensen: acteurs, koor, dirigent en een negenkoppige band. Normaal zit het orkest in een orkestbak, bij ons speelt de band op het decor. Met de koorleden erbij staat er op een bepaald moment 5.600 kilo op het dak.”
Hans Otten is in het dagelijks leven uitvoerder in de bouw. Hij weet alles van bouwmaterialen en constructies en hij heeft twee rechterhanden. Hij bedacht hoe het decor gebouwd zou moeten worden en bouwde een proefmodel in zijn eigen achtertuin. ,,Om te kunnen passen en meten. Ik krijg bij alles hulp van vijf mannen met een bouwkundige achtergrond, die nu met de VUT zijn. Dat is heel fijn werken en het geeft rust. Nee, met mijn bloeddruk is niets mis. Stel ik zou in het ziekenhuis belanden, dan weet ik dat het decor achter de kerk van Loil gewoon wordt opgebouwd en dat het na de voorstellingen ook weer wordt afgebroken en afgevoerd.”

Het bouwen van het decor is een giga klus. Is hij overgehaald of erin geluisd? ,,Ik behoor tot een vriendengroepje dat elkaar van de voetbal kent en van de organisatie van de Zeskamp van Loil, die voor het laatst in 2006 is gehouden. We kunnen samen goed organiseren en lachen. Op een gegeven moment vond Ton Bolder, zeg maar de aanjager van het dorp, dat er iets moest gebeuren vanwege het honderdjarig bestaan van Loil. Frank Gies is toen met het openluchtspel op de proppen gekomen. Ik zei: Jullie bedenken maar wat. Alles kan. Als j geen wilde ideeën hebt, valt er ook vanwege de kosten of haalbaarheid niets weg te spreken.”
Het openluchtspel is een low budget-productie, maar dat is volgens Otten juist de kracht. ,,Als iemand zegt: hier is een zak geld met 60.000 euro en koop maar wat je wilt, is de lol eraf. Het is een sport om alle zo goedkoop mogelijk uit te voeren. De steigerbuizen en de balken konden we van mijn werkgever Van Campen Bouw uit Zelhem lenen. Niemand van ons wordt betaald. Ook de bandleden niet. Dat geeft namelijk alleen maar scheve ogen. En er worden ook geen vrijkaartjes uitgedeeld. ,,Wat we nu nog tekort komen, zijn vier Duitse uniformen en helmen. We kunnen kostuums huren van 100 euro per uniform en per weekend. Dat vinden we te duur.
Volgens Otten zijn de voorstellingen de moeite waard. ,,Er gebeurt zoveel op het toneel dat het publiek ogen en oren tekort kom. Je zou eigenlijk twee voorstellingen moeten zien.”
Bron: De Gelderlander, dinsdag 6 april 2010