Het is al bijna een half jaar geleden dat het allemaal begon. In Loil klonken al langere tijd voorzichtige geruchten over een openluchtspel dat in mei en juni 2010 uitgevoerd zou worden. En opeens stond er een oproep voor een auditieronde in de Kontaktraad. Over niet al te lange tijd zouden de repetities gaan beginnen, en dus moesten de rollen worden verdeeld. ,,Lijkt het je niet leuk mee te doen?” Werd me gevraagd. ‘Ja’, dacht ik. ‘Dat lijkt me heel erg leuk.’ Maar ik vroeg me ook stiekem af of ik er wel geschikt voor zou zijn. Zingen had ik al wel vaker gedaan. Ook voor publiek, dus dat was niet mijn grootste zorg. Maar toneel spelen, acteren, een personage neerzetten. Dat was voor mij toch een hele nieuwe tak van de sport. Zou ik wel in staat zijn om in een paar maanden tijd zoveel tekst uit mijn hoofd te leren. Om me een personage eigen te maken, en het ook nog eens geloofwaardig over te brengen. Hoe langer ik er over nadacht, hoe meer ik begon te twijfelen. Maar na een tijdje besloot ik de stoute schoenen aan te trekken. Na die auditie kon ik altijd nog beslissen of ik er mee door wilde gaan.
Na een avond vol oefeningen, creatieve opdrachten en korte sketches bleek er ergens diep weggestopt toch een klein beetje toneeltalent in me verscholen. Hein, de regisseur vroeg me of ik de rol van Babet wilde spelen. De oudste dochter in het gezin Van Schayck, waar het verhaal van Van Metropool naar Loil om draait. En of ik dat wilde! Dolblij was ik, maar ook een beetje gespannen. Nu kon ik niet meer terug. Het avontuur was begonnen.
Wat volgde was een introductieavond. De meeste rollen waren ingevuld, en dus konden de spelers aan elkaar worden voorgesteld. Niet veel later kregen we onze eerste stukken tekst thuisgestuurd, en al snel begon de periode van wekelijkse repetities. Een periode waar we op dit moment middenin zitten. Langzaamaan begint het openluchtspel te groeien en steeds meer vorm te krijgen. Personages die op papier werden geboren hebben een gezicht gekregen. Het verhaal, dat lange tijd nog zo abstract leek, werd steeds concreter. En het decor, dat tot voor kort alleen nog in onze gedachten bestond, is tastbaar geworden. Inmiddels staat het hele verhaal van begin tot eind in de steigers. Maar er moeten nog heel, heel veel puntjes op de i’s worden gezet.
Daarom is er komende vrijdag en zaterdag een werkweekend. Twee dagen vol repetities, rollenspelen, zanglessen en taaloefeningen (we moeten namelijk een beetje Haags leren praten). Hard werken dus. Maar zoals tijdens alle repetities, is er ook tijd en ruimte voor lol en gezelligheid. Niet onbelangrijk, want we moeten nog een behoorlijke tijd met elkaar doorbrengen. Eén van de leuke dingen aan dit immense project is dat je weer eens andere mensen leert kennen, of mensen op een andere manier leert kennen. Tom bijvoorbeeld, had ik eigenlijk nog nooit gesproken. Nu voeren we als ‘vader en dochter’ emotionele gesprekken over verbroken relaties en de dood van mijn ‘moeder’. En Pim, die ik voorheen slechts voorzichtig gedag zei, roept nu ‘Hoi zus!’ wanneer ik hem tegen kom. De sfeer in de groep is kort gezegd ontzettend goed. Gelukkig maar, want dat komt onze acteerprestaties ten slotte alleen maar ten goede.
De volgende keer lezen jullie hoe het werkweekend was. Ik heb er erg veel zin in!
Liefs Esley





